Prinsjesdag: Veranderingen Innovatiebox

De overheid stimuleert met de innovatiebox investeringen in innovatie door het bedrijfsleven. Deze fiscale stimuleringsmaatregel verlaagt de vennootschapsbelasting over de winst uit innovaties naar 5%. 

Wijzigingen Innovatiebox 

Voor de “kleine” ondernemingen blijft de S&O-verklaring gelden als voorwaarde voor toepassing. Kanttekening is wel dat alleen een octrooi of kwekersrecht niet langer voldoende is. Vanaf 2017 is de eis dat voor alle gevallen de innovatie voortvloeit uit S&O-activiteiten. 

Voor de grotere ondernemingen is alleen een S&O-verklaring vanaf 2017 onvoldoende. Deze moeten naast het ontwikkelde materiële activum ook beschikken over:     
  • een octrooi of kwekersrecht;   
  • een vergunning voor het in de handel brengen van een medicijn;        
  • het activum heeft de vorm van programmatuur;       
  • een met 1 t/m 3 samenhangend immaterieel activum. 
De tweede wijziging betreft de berekenwijze van de winst die toerekenbaar is aan de Innovatiebox. De overheid wil kunnen bepalen of een belastingplichtige onderneming voldoende aanwezig is in Nederland (substance vereiste).   

Overgangsrecht 

De verwachting is dat de nieuwe regels van toepassing zijn op boekjaren die aanvangen op of na 1 januari 2017. Het conceptwetsvoorstel voorziet in overgangsrecht voor immateriële activa die zijn voortgebracht vóór 30 juni 2016. De bestaande innovatiebox zal in beginsel op deze activa van toepassing blijven. Voor kleine belastingplichtigen met een vaststellingsovereenkomst is een (concept)besluit gepubliceerd op basis waarvan zij, ook na 2016, middels een goedkeurende verklaring van de Belastingdienst de innovatiebox kunnen blijven toepassen op basis van die vaststellingsovereenkomst.   

Het overgangsrecht vervalt per 1 juli 2021.   

Meer weten?   

Voor meer informatie over de regeling en de voorwaarden kunt u altijd contact met ons opnemen op telefoonnummer 010 - 243 06 53.
Neem contact op
 
 

Schrijf je in voor de nieuwsbrief:

* Verplichte velden

SLUIT